Wetenschappelijk onderzoek

Laatste wijziging: 18 maart 2022

Naast klinische studies, waarbij de studie wordt opgezet door een externe partij, zijn we eveneens bezig met wetenschappelijk (academisch) onderzoek. Bij dit soort onderzoek zijn we zelf opdrachtgever of nemen we deel aan een studie die wordt opgezet vanuit een ander ziekenhuis of een universiteit. Door het opzetten van wetenschappelijke studies kunnen we blijven innoveren en zetten we in op de gebieden binnen cardiologie die onvoldoende onderzocht zijn of waar we als centrum veel belang aan hechten. Hieronder vind je de belangrijkste wetenschappelijke projecten terug waar het Hartcentrum Hasselt momenteel mee bezig is.

 

EU projecten

Coroprevention - H2020

De CoroPrevention studie kadert binnen een Europees H2020 project. In dit project zijn de Universiteit Hasselt en Hartcentrum Hasselt verantwoordelijk om vorm te geven aan een gepersonaliseerde digitale secundaire preventie strategie voor patiënten met chronische ischemische hartziekten. Binnen deze strategie zullen de patiënten ook intensief opgevolgd worden door een verpleegkundige. Na de ontwikkelingsfase zal deze interventie getest worden in een prospectieve studie in 2000 hoog risico patiënten in 6 landen: Finland, Griekenland, Portugal, Duitsland, Polen en Italië. Het tweede innovatieve luik binnen deze studie is het gebruik van een nieuwe innovatieve risicostratificatie score op basis van nieuwe biomarkers. 

 

NWE Chance - Interreg

NWE Chance is een Europees Interreg project met verschillende Europese partners, waaronder 3 hartcentra. Naast het Jessa ziekenhuis doet het ISALA ziekenhuis te Zwolle en het MUMC+ te Maastricht mee. Door samenwerking tussen eHealth bedrijven, hartcentra en kennisinstellingen wordt een ‘thuis hospitalisatie’ platform ontwikkeld waarin een real-time monitoringsysteem wordt geïntegreerd met een minilab, voor het meten van kalium en creatine, en een draagbare patch om vitale signalen te meten. Daarnaast wordt een Innovatie Hub opgezet. Deze hub ondersteunt de lange termijn bedrijven in de NWE-regio bij het ontwikkelen, valoriseren en implementeren van eHealth technologie voor thuishospitalisatie. Door de mogelijkheid tot thuishospitalisatie, moeten patiënten minder vaak in het ziekenhuis verblijven en kunnen ze in de thuisomgeving worden verzorgd en opgevolgd. Link: www.nweurope.eu

 

 

FWO projecten

Het TBM-programma van het FWO beoogt op lange termijn bij te dragen aan de implementatie van (nieuwe) therapieën, diagnosetechnieken en preventiemethoden, die -ten gevolge van een gebrek aan industriële interesse- zonder overheidsfinanciering niet tot bij de patiënt zouden geraken. Het hartcentrum krijgt de kans om aan verschillende TBM projecten mee te werken. 

 

TBM VKF

Deel 1 ‘AF-EduCare’, educatie studie: De logistieke en economische impact alsook het effect nagaan van meer intense persoonlijke en online gerichte educatie op het kennisniveau, het symptoomprofiel, de levenskwaliteit, de therapietrouw en de cardiovasculaire complicaties bij VKF patiënten. Binnen deze studie zal eveneens de AF-EduApp ontwikkeld en getest worden.


Deel 2 ‘AF-CareID’, communicatie studie: De implementatie, haalbaarheid en impact nagaan van een VKF zorg die gebruik maakt van een nieuw VKF paspoort om de communicatie tussen verschillende gezondheidsmedewerkers te stroomlijnen.

 

TBM duursport (Masters@Heart)

Het doel van dit project is om levenslange duursportbeoefening te valideren als middel ter preventie van coronair lijden en op die manier een wetenschappelijke basis te leggen voor de implementatie van duursport trainingsprogramma's in Vlaanderen. We willen risicofactoren identificeren die geassocieerd zijn met het optreden van neveneffecten van duursportbeoefening, namelijk het optreden van voorkamerfibrillatie en van manifeste myocardfibrose. Door een beter begrip van de dosis-responsrelatie tussen inspanning en gezondheid kan dit project leiden tot een verbetering van preventieve en therapeutische maatregelen bij voorbeschikte atleten.

 

Voor meer informatie (en voor het inschrijven van kandidaten): www.masteratheart.be

 

TBM: Priority

Hartfalen (HF) is wijdverspreid in België: 200 000 Belgen lijden aan HF; dagelijks komen er 40 nieuwe gevallen bij. Onderzoek toont dat oefentherapie de meest efficiënte interventie is om fitheid, kwaliteit van leven en gezondheidsuitkomst in patiënten met een vroegtijdig stadium (A-C) van HF te verbeteren. Ondanks een Klasse I-aanbeveling is slechts 1/3 van deze patiënten voldoende actief. Als zodanig bestaat er een grote behandelkloof. Uit pilootonderzoek bleek dat een hybride interventie, i.e. een combinatie van gesuperviseerde sessies met op afstand begeleide thuissessies, 1) een actieve levensstijl bevorderde en 2) meer patiënten een optimale trainingsprikkel gaf. PRIORITY zal daarom de klinische en kosteneffectiviteit van de hybride oefeninterventie valideren in een multicenter RCT met 450 HF ptn (150 stageA, 150 stageB, 150 stageC). Patiënten worden gerandomiseerd (1:1) naar gebruikelijke zorg of hybride oefeninterventie. Uitkomstmaten worden gemeten bij aanvang, na 4 maanden, een en twee jaar. Primaire uitkomstmaat is proportie van patiënten met een klinisch relevante verbetering van de piekzuurstofopname na 1 jaar, de belangrijkste voorspeller van vroegtijdig eindstadium HF. Dmv big data analyse van fysieke activiteit worden modellen ontwikkeld die de opname van fysieke activiteit en veranderingen in piekzuurstofopname kunnen voorspellen om zo de ontwikkeling van gepersonaliseerde gedragsinterventies en trainingsvoorschriften te optimaliseren.

 

Betrokken partners: KULeuven (lead), UHasselt, Jessa ziekenhuis, UAntwerpen

 

FWO Junior: Protection

Cardiale disfunctie komt vaak voor bij type 2 diabetes (T2DM), wat leidt tot cardiale complicaties en vroegtijdig overlijden. Recent bleek de global longitudinal strain (GLS, kan worden beoordeeld tijdens echocardiografie) dit diabetes-geïnduceerd hartfalen (DIHF) jaren vooruit te voorspellen bij T2DM-patiënten. We hebben nu onlangs aangetoond dat GLS inderdaad verstoord is, zelfs bij goed gecontroleerde en symptoomvrije T2DM-patiënten: een verstoorde GLS komt dus vaak voor. De preventie van DIHF is daarom een topprioriteit bij deze patiënten. Wij en anderen ontdekten dat trainingsinterventie effectief kan zijn om GLS te verbeteren bij sommige, maar niet alle, T2DM-patiënten. Bijgevolg is er potentie van trainingsinterventie om GLS te verbeteren en hierbij DIHF te voorkomen. Er moeten echter twee aspecten nader worden bestudeerd om de voordelen van trainingsinterventie op GLS bij T2DM-patiënten te maximaliseren en preventie van DIHF te bekomen: 1. de impact van trainingsvolume en intensiteit moet nog worden beoordeeld, en 2. er moet nog worden ontdekt welke patiëntgerelateerde factoren verbeteringen in GLS voorspellen als gevolg van trainingsinterventie. Er zal een dierstudie (WP1) en humane studie (WP2, 187 patienten) worden uitgevoerd om de impact van verschillende trainingsvolumes en intensiteiten op GLS en de onderliggende bijdragende moleculaire veranderingen te onderzoeken. Er wordt ook onderzocht welke patiëntspecifieke factoren veranderingen in GLS door training voorspellen (WP3).

 

Betrokken partners: UHasselt (lead),Jessa ziekenhuis, KULeuven, UGent, UMaastricht 

 

FWO aspirantschap: Effectiveness and cost-effectiveness of a personalised digital prevention network for high-cardiovascular-risk patients

Recente studies hebben aangetoond dat cardiovasculaire preventie in Europa nog steeds erg suboptimaal verloopt. Digitale toepassingen kunnen een belangrijke rol spelen om dit te verbeteren. In de voorgestelde studie wordt een digitaal ondersteund preventieprogramma gebruikt om betere risicofactorcontrole te bekomen in een populatie met hoog cardiovasculair risico, ook zonder reeds gekende hartziekte. Centraal in dit programma staan autonomie en zelfzorg van de patiënt en hoge betrokkenheid van de eerstelijnszorg. Op die manier wordt een netwerk gevormd tussen de patiënt, de huisarts en de specialist.

Voor dit project stappen patiënten in in een 6-maanden durend, smartphone-ondersteund, preventieprogramma met een focus op fysieke activiteit, gezonde voeding, therapietrouw, parameter registratie, educatie, rookstopbegeleiding en mentaal welzijn. Indien de studie succesvol is kan deze leiden tot een hoog- kwalitatieve, lage-kost, patiënt-gecentreerde, gepersonaliseerde preventie-aanpak.

 

Dr. Maarten Falter, die in het Hartcentrum Hasselt onderzoek doet in het kader van een PhD-project, heeft een vanuit de Vlaamse overheid en het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (FWO) een belangrijke beurs ontvangen om bovenstaand onderzoeksproject te kunnen vervolledigen. Na een strenge selectieprocedure werd hij als kandidaat geselecteerd om zijn onderzoek naar digitale geneeskunde in de preventiecardiologie verder uit te werken. Vanuit het Hartcentrum kijken we verheugd uit naar de resultaten!

 

 

Overige projecten

Miracle EI-ARVC

Het bestuderen van microRNA als biomerker voor de nadelige effecten van fysieke inspanning op het hart, bij atleten met fysieke inspanning-geinduceerde aritmogene rechter ventrikel cardiomyopathie (exercise-induced ARVC, EI-ARVC). Er wordt een microRNA panel gedefinieerd dat EI-ARVC patiënten kan onderscheiden van genetische ARVC patiënten, normale controles en gezonde atleten. De opdrachtgever van deze studie is het UZA. (dr. Isabel Witvrouwen).

 

ProAtHeart

Een prospectieve case-control studie, uitgevoerd over 25 jaar en ingedeeld in 2 stadia. In de eerste fase wordt de evolutie beschreven van door inspanning geïnduceerde hartremoddeling (“athlete’s heart”) bij elite duursporters (junior) in vergelijking met atleten die zich bezighouden met andere sporten. In de tweede fase worden de gezondheidsvoordelen van duursporten op lange termijn beoordeeld. De studie wordt uitgevoerd in samenwerking met UZL, St Vincent's hospital (Melbourne, Australië) en Pontchaillou hôpital (Rennes, Frankrijk).

 

BeSingCardioRehab

Een intercontinentale retrospectieve cohortstudie, uitgevoerd in 2 cardiale revalidatiecentra in België en Singapore. De invloed van fase II hartrevalidatie op ernstige ongewenste cardiale events zal op lange termijn worden vergeleken tussen Europa en Azië. Dit wordt één van de eerste onderzoeken naar cardiale revalidatie in Azië. Op basis van de BeSingCardioRehab-studieresultaten kunnen fase II-centra voor hartrevalidatieprogramma's worden om de programmainhoud en -resultaten te verbeteren.

 

Health in Travel Behavior (HTB)

De belangrijkste doelstelling is het in kaart brengen van het verplaatsingsgedrag (en het hieraan gekoppelde niveau van fysieke activiteit) van hartpatiënten, alsook de impact nagaan van gezondheids- en contextuele factoren die het verplaatsingsgedrag beïnvloeden. Een bijkomende doelstelling is de bereidheid van hartpatiënten nagaan m.b.t. het gebruik van smartphone applicaties voor een langere tijdsperiode om het verplaatsingsgedrag in kaart te brengen. Meer informatie kan je terugvinden op de website. Hier kunnen patiënten zich tevens aanmelden voor de studie: www.mobilehealthunit.org.