Verloop

Laatste wijziging: 09 maart 2022

De implantatie van de pacemaker/ICD

De implantatie van een pacemaker of ICD is een kleine operatie waarvoor  een overnachting in het ziekenhuis nodig is. In de meeste gevallen duurt de ingreep niet langer dan één tot twee uur. Plaatsing van een pacemaker of ICD gebeurt meestal onder een lichte algemene verdoving.

 

De pacemaker/ICD zal onder de huid boven de rechter- of linkerborstspier worden geïmplanteerd. De huid onder het sleutelbeen wordt over ongeveer 5 cm ingesneden. Onder de huid wordt een ruimte gemaakt die pocket wordt genoemd. De pacemaker/ICD past precies in deze pocket. Via de sleutelbeenader wordt (worden) de elektrode(n) naar het hart gebracht. Als de elektroden goed geplaatst zijn en als ook gecontroleerd is of de pacemaker/ICD goed werkt, wordt de pocket met hechtingsdraad gesloten.

 

Tijdens de plaatsing van een ICD voert de arts een test uit om te kijken of de elektroden op de goede plek zitten en of de defibrillator de ritmestoornis herkent. Hij wekt hiervoor kunstmatig een hartritmestoornis op. Bij een goede werking van de defibrillator zal deze dan een schok afleveren die de ritmestoornis stopt.

 

Na plaatsen van een pacemaker/ICD word je terug naar je kamer gebracht. Op de operatiewonde wordt een zandzak gelegd gedurende enkele uren om een bloeduitstorting te voorkomen. Je hebt bedrust tot de volgende dag.

 

Vervanging van een pacemaker/ICD

De levensduur van een pacemaker/ICD wordt bepaald door het gebruik. Als je pacemaker/ICD je hartritme continu ondersteunt, is de batterij eerder leeg dan wanneer je pacemaker/ICD maar af en toe in werking hoeft te komen. De meeste pacemakers/ICD’s gaan tussen de zes en de vijftien jaar mee. Als de batterij is uitgeput, wordt de hele pacemaker/ICD vervangen. De elektroden blijven zitten. Zij worden op de nieuwe pacemaker/ICD aangesloten. Voor het vervangen van de pacemaker/ICD zal er opnieuw een korte opname plaatsvinden.

 

Je hoeft geen schrik te hebben dat de pacemaker/ICD er plotseling mee ophoudt omdat de batterij leeg is. De levensduur van de batterij kan heel precies worden nagegaan bij de periodieke controle. Als de pacemaker/ICD moet worden vervangen, gebeurt dit altijd voordat de levensduur van de batterij is verstreken.