Slaapstoornissen en behandeling

Snurken en slaapapneu

Snurken is vooral een sociaal storend probleem met een mogelijke impact op de relatie, en soms apart slapen tot gevolg. Bij sommige snurkers kan een verstoorde ademhaling optreden door het dichtklappen van de keelholte tijdens de slaap: obstructieve slaapapneu (OSA). Men is zich hiervan niet altijd bewust. Nochtans heeft dit medische gevolgen door een hoger risico op hart- en vaatziekten alsook suikerziekte. Bovendien kunnen we in ons dagdagelijks functioneren  een toegenomen slaperigheid, concentratie- en geheugenstoornissen en een verhoogde prikkelbaarheid ervaren. Deze geven op hun beurt een verhoogd risico op een verminderde productiviteit op het werk, werk- en verkeersongevallen en relationele problemen met vrienden, familie of collega’s.

De meest efficiënte- en voorkeursbehandeling voor matige en vooral ernstige slaapapneu is CPAP (Continuous Positive Airway Pressure). Hierbij wordt de keelholte opengehouden door vanuit een kleine compressor lucht onder lichte druk in te blazen via een masker over de neus of over neus en mond.

 

CPAP2

 

 

Bij matige vormen van obstructieve slaapapnoe kan een MRA (Mandibulair Repositie Apparaat) een alternatief zijn. Dit mondstuk wordt op maat gemaakt en houdt de onderkaak tijdens de nacht in een voorwaartse positie. De longarts zal in overleg met de NKO-arts en erkende tandarts bepalen wie hiervoor in aanmerking komt. Soms is hiervoor een slaapendoscopie (zie onderzoeken) nodig.

 

MRA somnomed

 

 

Een heelkundige behandeling is maar zinvol in een minderheid van de gevallen, bijvoorbeeld jongere, niet obese patiënten met vergrote tonsillen (amandelen). In geval van overgewicht en obesitas (een belangrijke risicofactor voor OSA), kan vermagering bijdragen tot de behandeling en soms genezing geven.

 

PDF icoonBrochure_Gewicht verliezen en volhouden_REGO

 

De behandeling met CPAP en MRA is terugbetaald onder voorwaarden, in die centra die hiervoor een overeenkomst hebben met het RIZIV (OSA conventie). De CPAP verpleegkundigen staan de longarts bij in het aanleren en opvolgen van de behandeling met CPAP.

In de opvolging van de behandeling met MRA is de erkende tandarts betrokken.

 

Insomnia

Slapeloosheid is het niet kunnen in- en/of doorslapen en/of te vroeg ontwaken. Wanneer dit minstens 3x per week gedurende minstens 3 maanden gebeurt en klachten geeft overdag, spreken we van chronische insomnia. Soms kan dit een gevolg zijn van een psychisch of ander medisch probleem alsook een bijwerking van medicatie. De manier waarop iemand omgaat met slapeloosheid (gedachten en gedrag) bepaalt of men in een vicieuse cirkel van slecht slapen terechtkomt en het probleem chronisch wordt: negatieve gedachten over slaap en piekeren, moeite met ontspannen en verkeerde slaapgewoonten en leefwijze houden het slecht slapen in stand. Cognitieve gedragstherapie onder begeleiding van een psycholoog/gedragstherapeut is hier de voorkeursbehandeling met als doel het doorbreken van de vicieuse cirkel. Bij 80% van de patiënten verbetert de slaap, maar het vraagt een inspanning omdat er niet altijd meteen effect is en in het begin zelfs meer vermoeidheid.

 

PDF icoonSlaaptherapie_Feb 2019

 

Verstoring van de biologische klok: circadiane slaapritmestoornis

In dit geval loopt je interne klok die het slaap/waak ritme regelt, niet meer gelijk met het uur dat de externe klok aangeeft (licht-donkercyclus). Dit kan een genetisch/aangeboren probleem zijn van die interne klok gelegen in de hersenen. Anderzijds is er een belangrijke invloed van omgevings- en gedragsmatige factoren.

Licht speelt een belangrijke rol in het bewaken van ons dag- en nachtritme (synchronisatie van de interne met de externe klok).

 

Bij lichtblootstelling stopt de productie van melatonine, een hormoon dat ons lichaam in slaapstand zet; bij duisternis start de productie van melatonine. Lichtblootstelling op het verkeerde moment kan ons slaap/waak ritme verstoren met klachten van slapeloosheid, vermoeidheid en slaperigheid overdag. Smartphones en tablets stralen blauw licht uit dat in het bijzonder onze interne klok beïnvloedt en zo kan bijdragen tot slaapstoornissen o.a. bij adolescenten. 

 

Bij shiftwerk of jetlag is het aan te raden om je slaap-waakritme in de mate van het mogelijke mee te laten verschuiven met je veranderende werkschema of tijdszone.

 

Lichttherapie (via lichtbril) en eventueel toediening van melatonine worden gebruikt in de behandeling van deze slaapstoornissen. Belangrijk is beiden op het juiste ogenblik te gebruiken. Een lichtbril kan gedurende enkele weken op proef geleend worden om vervolgens bij goed resultaat aan te kopen.

lichtbril

 

 

Parasomnie

Ongewoon gedrag tijdens de slaap kan leiden tot een slechte slaapkwaliteit en soms gevaarlijke situaties voor de patient en zijn of haar bedpartner.

Dit bestaat in verschillende varianten, waaronder slaapwandelen het best bekend is. Vaak is men zich hiervan niet bewust en bemerkt men ’s ochtends pas dat men actief geweest is in de slaap. Sommige medicatie (o.a. zolpidem) en slaaptekort kunnen een uitlokkende rol spelen.

Parasomnieën moeten onderscheiden worden van nachtelijke epilepsie.

 

Slaapgerelateerde bewegingsstoornissen

Rusteloze benen syndroom (RLS)

RLS speelt zich af in de waaktoestand. Het wordt gekenmerkt door een onaangenaam en rusteloos gevoel in de benen, hetgeen verlicht wordt door te bewegen. Het treedt op tegen de avond en kan zo het inslapen bemoeilijken. Ijzertekort kan een rol spelen en moet dan in eerste tijd opgespoord en aangepakt worden. Ook dient overmatig alcohol-, cafeïne- en nicotinegebruik vermeden te worden. Daarnaast is er specifieke medicatie die kan helpen.

 

Periodic limb movement symdrome (PLMS)

 Bij “periodic limb movement syndrome” (PLMS) treden herhaaldelijk bewegingen van de ledematen op tijdens de slaap, meest frequent van de benen (strekken van de voet, buigen van de knie en de heup) en met een vrij constant interval van 20 tot 40 sec. De patiënt is zich doorgaans niet bewust van deze aandoening, doch de bedpartner kan hinder ondervinden van het repetitieve 'schoppen'. Ook kunnen ze interfereren met de slaap, doordat zij korte wekreacties induceren. Dat kan een oorzaak zijn van zowel insomnia als slaperigheid overdag. Ze komen vaak voor bij andere slaapaandoeningen alsook bij RLS. 

 

Ritmische bewegingen bij het inslapen komen vooral voor op kinderleeftijd (meestal tot 4 jaar): hoofdbonzen, 'body rocking'. Ze kunnen het inslapen bemoeilijken en soms aanleiding geven tot kwetsuren.

 

Tandenknarsen

Bruxisme of tandenknarsen tijdens de slaap beschadigt de tanden en geeft kaaklast. Veelal wordt de diagnose  en behandeling door tandartsen uitgevoerd.

 

Hypersomnolentie

Iedereen is wel eens moe of dommelt in op een rustig moment. Bij hypersomnie heeft men dagelijks last van een onbedwingbare slaperigheid in sociaal onaanvaardbare situaties. Dit kan iemands leven grondig verstoren, zowel beroepsmatig als socio-familiaal.

Narcolepsie is een zeldzame aandoening die hierdoor erg invaliderend kan zijn. De diagnose en behandeling verlopen in samenspraak met de neuroloog.

 

Slaaphygiëne

Een goede slaap begint met het creëren van optimale omstandigheden om te slapen. Dit maakt deel uit van de basisbehandeling van vele slaapaandoeningen.

 

PDF icoonFolder_Slaaphygiëne