Veelgestelde vragen

Op deze pagina vind je een antwoord op veelgestelde vragen over nucleaire onderzoeken en behandelingen. Heb je een vraag die niet in de lijst staat, neem dan gerust contact op met de dienst Nucleaire geneeskunde op het nummer 011 33 55 55.

 

Hoe kan ik een afspraak maken?

Alvorens een afspraak te maken is het belangrijk dat je in het bezit bent van een aanvraagformulier voor dit onderzoek. Een afspraak kan je telefonisch maken op het nummer 011 33 55 55 (callcenter medische beeldvorming).

 

Wat moet ik doen als ik mijn afspraak niet kan nakomen?

Geef ons tijdig een seintje (indien mogelijk twee dagen voor de afspraak) op tel. 011 33 55 55 als je je afspraak niet kan nakomen. Zo kan een andere patiënt jouw plaats innemen.

 

Wat is een scan op de nucleaire geneeskunde?

Bij een scan op de nucleaire geneeskunde, wordt een radioactieve stof via de mond/oraal of via injectie toegediend. De straling die het lichaam uitzendt, wordt door een gammacamera tot een beeld verwerkt. Een scan wordt ook wel scintigrafie, foto of opname genoemd.

 

Hoe wordt een scan gemaakt?

Bij een scan op de nucleaire geneeskunde, wordt een radioactieve stof injectie of soms via de mond/oraal toegediend. De straling die het lichaam uitzendt, wordt door een gammacamera tot een beeld verwerkt. Om een goede scan te krijgen wordt de gammacamera een tijdlang boven of onder het te onderzoeken lichaamsdeel gezet. Dit kan variëren van enkele seconden tot een aantal minuten per opname/scan. De camera kan precies registreren waar de radioactiviteit zich bevindt in het lichaam. Het kan worden vergeleken met de belichtingstijd/sluitertijd van een fotocamera. 

 

Kunnen kinderen op deze manier worden onderzocht?

Ja, kinderen kunnen gewoon een onderzoek ondergaan op onze afdeling. De dosering die nodig is voor het onderzoek wordt aangepast op basis van leeftijd en gewicht. Ouders kunnen hun kinderen tijdens de onderzoeken begeleiden indien dit wenselijk is. Kinderen mogen hun geliefde knuffel meenemen.

 

Hoelang is de wachttijd voor mijn onderzoek?

Wij trachten om jouw onderzoek zo snel als mogelijk uit te voeren.

 

Is de radioactieve stof gevaarlijk voor mij en de mensen uit mijn omgeving?

De hoeveelheid radioactieve stof die je bij een nucleair onderzoek toegediend krijgt, is zeer laag. De straling is vergelijkbaar met die bij een röntgenonderzoek en is dus niet gevaarlijk voor jou en de mensen uit je omgeving. Er treden ook nauwelijks allergische reacties op.  Als je de stralingsbelasting voor de mensen uit jouw omgeving tot het absolute minimum wil beperken, kan je wel enkele tips volgen.

 

  • Afstand houden

De stralingsdosis die anderen oplopen neemt sterk af als je meer afstand houdt. Iemand die op twee meter van jou staat, krijgt maar een vierde van de stralingsdosis die iemand krijgt die op 1 meter van jou staat.

 

  • Tijdsduur van blootstelling beperken

Hoe langer je naast iemand staat, hoe groter de stralingsdosis. Als je een uur dicht bij iemand staat, krijgt die persoon twee maal meer dosis dan wanneer je een half uur blijft staan.

 

Deze maatregelen zijn strikt genomen niet nodig aangezien het risico op stralingsschade voor de mensen uit jouw omgeving extreem klein is. Na één dag is de activiteit zo laag geworden dat speciale voorzorgen zinloos zijn.

 

Bij nucleaire behandelingen van o.a. de schildklier wordt een hogere dosis radioactiviteit toegediend. Je krijgt na de behandeling specifieke richtlijnen mee om de straling voor de mensen in jouw omgeving te beperken. 

 

Is een nucleair onderzoek gevaarlijk als ik zwanger ben?

Het is niet aangewezen om een nucleair onderzoek te ondergaan als je zwanger bent. Meld een zwangerschap altijd aan jouw verwijzende arts. Hij of zij kan het onderzoek uitstellen tot na de geboorte of een alternatief onderzoek voorstellen.

 

Heeft u al een afspraak op de dienst Nucleaire geneeskunde en ben je (mogelijk) zwanger, meld dit dan voor de start van de injectie van de radioactieve stof. We zoeken dan een alternatief, in overleg met jouw verwijzende arts.

 

Mag ik tijdens of na het onderzoek borstvoeding geven?

Sommige radioactieve stoffen kunnen in de moedermelk terecht komen. Daarom mag je geen borstvoeding geven tot enkele uren of dagen na het onderzoek. Contacteer onze dienst om precieze afspraken te maken.

 

Mag er iemand bij mij blijven tijdens het onderzoek?

Bij de meeste onderzoeken mag je je laten vergezellen. Soms mogen andere mensen niet mee binnen in de onderzoeksruimte, omdat er röntgenstralen vrijkomen. Vraag altijd aan een medewerker van de dienst Nucleaire geneeskunde of iemand bij jou mag blijven tijdens het onderzoek.  

 

Hoe wordt de radioactieve stof toegediend?

Bij de meeste onderzoeken wordt de radioactieve stof toegediend via een injectie in een bloedvat in de arm.
Bij een maagontledigingsonderzoek moet je voor het onderzoek een omelet eten waarin de radioactieve stof verwerkt zit. Soms zit de radioactieve stof in een capsule die je moet inslikken (therapie).

 

Waar krijg ik de prik?

Je wordt meestal in een ader in jouw arm geprikt. Soms is het nodig om een ader in je voet te prikken. Soms krijg je de stof te drinken of moet je een capsule slikken. Je wordt dan niet geprikt.

 

Kan ik allergisch reageren op de tracer die mij toegediend wordt?

Er wordt zo goed als nooit een allergische reactie beschreven op de tracer die toegediend wordt.
Ook bij patiënten die allergisch zijn aan jodiumcontrast worden in principe geen bijwerkingen weerhouden.
In de zeldzame gevallen dat er wel een allergie optreedt, gaat het om mineure reacties zoals uitslag of jeuk.

 

Zijn er bijwerkingen te verwachten?

Nee, bijwerkingen komen niet of nauwelijks voor.

 

Waarom moet ik wachten tussen de injectie en de scan?

Voor de meeste onderzoeken is het nodig om na de toediening van de radioactieve stof te wachten totdat de scan wordt gemaakt. Deze tijd varieert van 5 minuten tot een paar dagen. In deze tijd gaat de radioactieve stof naar het juiste orgaan. De tijd die daarvoor nodig is, verschilt per stof.

 

Hoelang blijft de radioactieve stof in mijn lichaam?

De radioactieve stof die bij de meeste onderzoeken gebruikt wordt, is Technetium 99m. De hoeveelheid radioactiviteit van deze stof halveert iedere zes uur. Daarnaast scheidt het lichaam deze stof ook via de natuurlijke weg uit. Hierdoor is de radioactieve stof slechts enkele dagen in jouw lichaam aanwezig.

 

Moet ik na het onderzoek nog iets bijzonders doen?

Na het onderzoek kun je je gewoonlijke activiteiten hervatten. De stoffen die wij toedienen, hebben geen invloed op je reactievermogen. De meeste stoffen verlaten het lichaam via de urine het lichaam. Het is daarom aan te bevelen om de rest van de dag wat meer te drinken dan gewoonlijk. Het kan ook geen kwaad om tussen de injectie en de scan meer te drinken dan normaal.

 

Waarom moet ik veel drinken?

Bij bepaalde onderzoeken wordt het drinken van extra vocht gestimuleerd. Dit verhoogt de kwaliteit van de te maken afbeeldingen.

 

Moet ik in een tunnel liggen?

Nee, de gammacamera die voor nucleair onderzoek wordt gebruikt, is geen tunnelapparaat. De gammacamera bestaat wel uit twee koppen. Een van de koppen is als een soort trommel boven jou te zien. Deze trommel komt wel dicht bij jouw lichaam, maar het camerasysteem is aan twee kanten open.

 

Moet ik me uitkleden voor het onderzoek?

Tijdens de scan mag je je kleren aanhouden. Kledij die metalen voorwerpen bevat, moet je wel uittrekken. Sieraden en waardevolle voorwerpen laat je beter thuis.

 

Moet ik voor het onderzoek specifieke richtlijnen volgen?

Voor sommige onderzoeken gelden specifieke voorbereidende richtlijnen. Je verwijzende arts zal je hier meer over vertellen. Ook in de informatiebrochure over het onderzoek lees je hoe je je op het onderzoek moet voorbereiden. Indien je na het lezen van de brochure nog vragen hebt, neem dan contact op met het callcenter 011 33 55 55

 

Van wie krijg ik de uitslag van het onderzoek?

Alle onderzoeken worden de dag zelf of ten laatste de dag na het onderzoek beoordeeld door een nucleair geneeskundige. De uitslagen worden verstuurd naar de aanvragende arts.

 

Waarom worden sommige patiënten eerder geholpen wanneer ze later zijn toegekomen dan ik?

Er zijn verschillende typen onderzoek op de afdeling. Mensen die eerder geholpen worden, komen voor een ander type onderzoek.

 

Mag ik met de auto rijden na een nucleair onderzoek?

Er is geen bezwaar om met de wagen te rijden na een nucleair-geneeskundig onderzoek.
Enkel voor PET/CT-onderzoeken wordt aan de patïënt soms een pilletje Valium toegediend. Deze patiënten worden ervan verwittigd dat ze een chauffeur moeten meebrengen om hen terug naar huis te voeren.

 

 

Moet ik nuchter komen?

Voor de meeste onderzoeken hoef je niet nuchter te zijn. Als dit wel het geval is, word je dat uitdrukkelijk verteld bij het maken van de afspraak. Als je daarover niets hoort, dan kun je gerust eten en drinken. Ook nadat je de injectie heeft gehad. Ook is het goed om na de injectie veel te drinken en regelmatig te plassen.

 

Als ik tabletten of andere geneesmiddelen gebruik, moet ik daar dan mee stoppen?

Soms is het nodig dat je je moet voorbereiden op een onderzoek, bijvoorbeeld dat je medicijnen moet staken of juist moet slikken. Je behandelende arts zal met jou bespreken welke medicijnen je mag gebruiken en welke je moet laten staan en voor hoe lang. Indien je twijfelt of vragen heeft, mag je natuurlijk altijd met ons contact opnemen.

 

Is het onderzoek pijnlijk?

Nee, het onderzoek is niet pijnlijk. Alleen het prikje kun je even voelen. Dat voelt ongeveer hetzelfde als wanneer er bloed geprikt wordt. De apparatuur waarmee gewerkt wordt, meet alleen de straling die jouw lichaam uitzendt. Dat wordt omgezet in beelden. Die beelden kunnen daarna op een computer bewerkt worden. Het enige wat je moet doen, is zo stil mogelijk blijven liggen of zitten en rustig ademen.

 

Mag ik na de scan naar mijn werk?

Indien je voor een onderzoek komt, kun je voor en na het onderzoek jouw dagelijkse bezigheden gewoon hervatten, dus ook je werk. Wanneer je voor een behandeling komt, kan het zijn dat je ook je werk tijdelijk niet kunt uitvoeren. Dit kan variëren van een dag tot enkele weken. Indien dit voor jou van toepassing is, wordt dit met je besproken.

 

Hoe lang duurt het scannen?

Het scannen kan variëren van vijf minuten tot twee uur. Dit is afhankelijk van het onderzoek. Op de afspraakbevestiging die je van ons ontvangt, staat de duur van het onderzoek vermeld. 

 

Waarom duur het maken van de scan zo lang?

Er zijn verschillende redenen waarom een scan lang kan duren. Wanneer er een 3-dimensionale opname van een orgaan wordt gemaakt, bijvoorbeeld bij een hartonderzoek, dan maakt de camera een cirkel van 360 graden om je heen. Er worden dan 60 foto’s van jouw hart gemaakt. Je zult begrijpen dat dit enige tijd in beslag neemt.

Ook worden scans gemaakt waarbij vanaf het begin wordt gekeken hoe de stof door het lichaam verwerkt wordt. Bij een dergelijk onderzoek wordt het proces tot een bepaald punt gevolgd. Als de verwerking van de radioactieve stof in het lichaam lang duurt, heeft ook de scan meer tijd nodig.

Een andere reden dat de foto’s langer duren is dat er zo min mogelijk radioactieve stof wordt toegediend. Om voldoende informatie te krijgen is het dan nodig om de camera langer te laten ‘registreren’ (de opname langer te laten duren).

 

Wat is het verschil met een foto/scan op de Radiologie?

Het verschil met een onderzoek op de afdeling radiologie is, dat de straling daar van buiten af door het lichaam gaat. Hier wordt meer naar de anatomie van het lichaam gekeken. Bij een scan op de nucleaire geneeskunde wordt meer naar de functie van het te onderzoeken lichaamsdeel gekeken.

 

Hoe worden radioactieve stoffen gemaakt?

Er zijn drie kernreactoren in de wereld die zich hebben toegelegd op de productie van isotopen voor medisch gebruik; één ervan is de kernreactor van Petten (Noord-Holland). Een andere methode om isotopen te produceren maakt gebruik van deeltjesversnellers. Sommige isotopen kunnen met reactoren vervaardigd worden, andere met deeltjesversnellers, nog andere met beide. Een deeltjesversneller laat atomen met grote snelheid op elkaar botsen waardoor er een stukje van de kern afgaat en een instabiele isotoop ontstaat.