Peritoneale dialyse

Bij peritoneale dialyse worden afvalstoffen verwijderd via het buikvlies: buikspoeling.

 

Door een kleine operatie wordt een buisje, catheter, in de buikholte ingebracht. Via deze catheter, die vastzit in de buikwand, laat men een zuivere vloeistof in de buikholte lopen. Deze vloeistof blijft dan enkele uren in de buik en neemt afvalstoffen op via het buikvlies. Na een paar uur wordt deze vloeistof, met zijn afvalstoffen, weer verwijderd. Vervolgens koppelt men weer een schone zak aan.


Peritoneale dialyse gebeurt thuis en wordt meestal door de patiënt zelf uitgevoerd. Omdat er geen bloed bij te pas komt, kan dit veilig gebeuren. De procedure moet wel proper worden uitgevoerd, om het risico op buikvliesontsteking laag te houden.


Bij chronische ambulante peritoneale dialyse (CAPD) gebeuren de wisselingen overdag. De wisselingen gebeuren meestal 4 per dag, 7 dagen op 7. Bij automatische peritoneale dialyse (APD) worden de wisselingen 's nachts tijdens de slaap uitgevoerd door een toestel. Dit duurt 8 tot 10 uur, ook elk dag. Om de zes weken gaat de patiënt op raadpleging in het ziekenhuis voor de opvolging en bijsturing van de dialysebehandeling.