Na de operatie
Uw kind kan na de operatie heel onrustig zijn (huilen, roepen, angstig,…). Dit is normaal, en het kind ervaart deze onrust niet bewust.
Na het verwijderen van de keelmandelen heeft uw kind pijn in de keel. Vaak heeft het nog wat oud bloed in de neus en in de mond. Veel drinken is erg belangrijk. Meestal is hiervoor wat extra aansporing nodig. Door de koude dranken en de slikbewegingen nemen zowel de pijn als de vieze smaak in de mond af.
Na het verwijderen van de neuspoliepen is de pijn beperkt. Laat uw kind regelmatig een koude drank drinken op de dag van de ingreep.
Na het plaatsen van trommelvliesbuisjes kan er soms wat slijm of bloed zichtbaar zijn in de gehoorgang. U kan beter geen watje in het oor aanbrengen, dit belemmert de verluchting van de gehoorgang en het middenoor. Oorpijn treedt zelden op, pijnstilling is meestal niet nodig. Een controle van de buisjes vindt plaats na 1 tot 2 weken. Tot dan is het belangrijk de oortjes van vocht te vrijwaren. Dit wil zeggen: niet zwemmen, en bij het nemen van een bad een watje met vaseline (=waterafstotend) in het oor aanbrengen.
Normaal gesproken mag uw kind na één of meerdere van deze ingrepen dezelfde dag naar huis. Uw behandelende arts controleert uw kind voordat u huiswaarts gaat. Er wordt dan tevens een controle-afspraak gemaakt.