Malaria wordt veroorzaakt door een parasiet (Plasmodium), die wordt overgedragen door een mug (Anopheles). Er bestaan verschillende soorten Plasmodium, waarvan Plasmodium falciparum de meest verspreide en meest gevaarlijke is. Malaria veroorzaakt door deze vorm kan zelfs dodelijk zijn, zeker als de juiste therapie niet tijdig wordt ingesteld.
De eerste ziektetekens treden meestal op circa 8 dagen na de besmette muggenbeet, dus vaak na terugkeer van de reis. De kenmerken van het ziektebeeld zijn meestal hevige koortsaanvallen, al dan niet gepaard met hoofdpijn, spierpijn, braken, diarree, ... In het begin kan malaria op een griepaanval lijken. Bij vermoeden van malaria is het aangeraden zo snel mogelijk een dokter te raadplegen.
Om malaria te voorkomen wordt de blootstelling aan de malariaparasiet zoveel mogelijk beperkt, nl. door maatregelen om muggenbeten te vermijden. Daarnaast is het nodig om profylactisch (preventief) de juiste antimalariamiddelen in te nemen. De aangewezen malariaprofylaxie is onder meer afhankelijk van de bestemming, de reisduur, de gezondheidstoestand en de leeftijd van de reiziger, enz. U moet de voorschriften voor de inname van de antimalariamiddelen steeds strikt volgen. Een correct gebruik van antimalariamiddelen sluit het oplopen van malaria niet voor 100% uit.
We benadrukken nogmaals dat u bij vermoeden van malaria altijd dringend medische hulp moet zoeken. Enkel indien dit onmogelijk is (bv. avontuurlijke reizen van langere duur), kan u in afwachting van medische hulp met een zelfbehandeling starten. Maar zodra het mogelijk is, moet u medische hulp zoeken. Laat u steeds vooraf informeren over de wijze van zelfbehandeling en de mogelijke risico's.