Hondsdolheid of ‘rabiës' is een dodelijke ziekte die in de ontwikkelingslanden vooral wordt overgedragen door (zwerf)honden, katten, apen en vleermuizen. De ziekte komt voor in grote delen van de wereld en is relatief frequent in onder andere Indië, Thailand, ...
De rabiësvaccinatie is aangeraden voor alle reizigers die langdurig in de (sub)tropen zullen verblijven en niet binnen de 48 uur over een betrouwbaar vaccin en immunoglobulines kunnen beschikken. De vaccinatie is ook aangeraden voor kinderen die in risicogebied gaan wonen en voor risicogroepen zoals mensen die veel contact hebben met dieren (veeartsen, veehandelaars, verzorgers, ...), speleologen en fietsers.
Het preventief vaccinatieschema bestaat uit inspuitingen op dag 0, 7 en 28 en een rappel na 1 jaar. Het vaccin kan door een arts besteld worden op naam van de patiënt in het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid - Louis Pasteur, afdeling rabiës (tel. 02-373 31 56).
Na een beet of een krabletsel van een dier wordt in elk geval (ook na vaccinatie) sterk aangeraden dringend een gespecialiseerd centrum te consulteren zodat men, indien nodig, kan starten met de vaccinatie en/of de toediening van antistoffen. Het is aangeraden de wonde grondig te reinigen met water en zeep, vervolgens goed te spoelen en te laten drogen, en tenslotte te ontsmetten met een ontsmettingsproduct op basis van alcohol (60-80%) of Polyvidonjood (Isobetadine®).