Hypospadie

Het woord hypospadie komt van het Grieks en betekent hypo= onder en spadon= een soort van defect. De eerste beschrijving van deze aandoening dateert al van de eerste eeuw voor Christus. Aarzelende pogingen tot herstel vinden we terug in de geschriften van Dieffenbach (1837). Sinds de evolutie van de anesthesie,  steriliteit en chirurgie is het aantal technieken legio. Hypospadie is een ontwikkelingsstoornis van het voorste gedeelte van de plasbuis met als gevolg defecten thv de eikel, voorhuid (typische monnikskapdeviatie) en kromstand van de penis. Er zijn verschillende vormen van hypospadie over het ganse verloop van de plasbuis, van juist voorbij de aars tot onder het topje van de eikel. Dit kan ook in extreme gevallen gepaard gaan met andere aangeboren afwijkingen thv de balzak. Het is vooral bij de extreme vormen dat er ook een combinatie wordt gezien met andere meer complexe aangeboren afwijkingen. De meest frequente vorm van hypospadie is wat we noemen proximaal, dit betekent feitelijk thv de eikel, juist onder de eikel of  op het verloop van het laatste gedeelte van de plasbuis thv de penis.

 

Hypospadie

Operatie

 

De ideale leeftijd voor operatieve correctie is tussen 1 en 2 jaar. Dit heeft zijn voordelen, het patiëntje draagt nog een pamper en heeft  ook geen besef later van chirurgische ingrepen aan zijn penis. De kinderen  worden ’s morgens  nuchter opgenomen en dezelfde dag of de dag na de ingreep kunnen ze terug naar huis. Na 5 dagen wordt het verbandje (plastiekverband) van de penis verwijderd, in de penis bevindt zich een stent (buisje), waardoor continu urine druppelt in de pamper. Dit wordt verwijderd van zodra de wondtoestand er mooi uitziet en geen aanduidingen zijn voor ontsteking. Gedurende de hele periode van de stent en nog 1 week later wordt een antisepticum gegeven om de urine steriel te houden. De meest gebruikte technieken variëren uiteraard afhankelijk van de lokalisatie van de opening van de plasbuis. De procedures zijn Magpi, Mathieu, Snodgrass, Onlayplastie of  Duckett, eventueel bij uitgebreide vormen of niet succesvolle vroegere ingrepen bij oudere kinderen de techniek volgens Bracka in twee tijden.

 

Bij moeilijke gevallen wordt soms ook gebruik gemaakt van greffen (weefsels) zoals bijv. een buccale greffe (wangslijmvlies). Chirurgie bij hypospadie is zeker afhankelijk van patiënt tot patiënt en is uiteraard niet zonder complicaties. Deze variëren tussen de 10 en 20% en betreft hier vooral het ontwikkelen van fistels (valse verbindingen), infectie, hematoom (bloeduitstorting) en  stricturen (vernauwingen).

  • urologie -   home 8
  • urologie -   home 2
  • urologie -   home 3
  • urologie -   home 7
  • urologie -   home 6
  • urologie -   home 4
  • urologie -   home 5
  • urologie -   home 1