Revalidatieschema 5
Na arthoscopische Bankartrepair, arthroscopische SLAP repair, of een inferieure capsulaire shift-procedure of ETAC
WEEK 1-3
Onmiddellijk na de operatie zal een adductieverband aangelegd worden door de specialist. Dit dient u strikt te dragen gedurende drie weken.
- Mobiliseren van vingers, pols en elleboog ;
- Opstarten van isometrische rotatorcuffoefningen in het verband : pols tegen de buik duwen en pols, in het verband, wegduwen van de buik.
- 1 x /dag kort uitvoeren van Codmann pendeloefeningen vnl. ter mobilisatie van de elleboog.
- Regelmatige ijsapplicaties, in het begin zoveel als mogelijk, later enkel na de oefeningen en bij pijn.
- Na 10 dagen kan de huisdokter uw hechtingen verwijderen.
WEEK 3-6
Drie weken na de operatie zal u op controle worden verwacht bij uw specialist (afspraak door u te maken).
Het adductieverband mag nu uitgelaten worden.
Uw specialist zal meestal kiné voorschrijven :
- Starten van passieve mobilisatie-oefeningen.
- Exorotatie mag maximaal tot 20° gaan.
- Opstellen van actief mobilisatieprogramma (ook max. 20° exorotatie).
- Opdrijven van pendeloefeningen.
WEEK 7-12
- Opdrijven van de passieve stretching maar niet voorbij de 30 à 45° exorotatie.
- Correctie van abnormaal bewegingspatroon, zonodig.
- Spierversterkende oefeningen zowel van de scapulapivoters als van de glenohumerale protectors. Nog altijd opletten voor combinatie exorotatie-abductie.
- Na de 8ste week kan er gestart worden met proprioceptieve oefeningen en zonodig met sportspecifieke training.
- Moment van sporthervatting is erg sportafhankelijk.