ERCP

Doel van het onderzoek

 

Door middel van een ERCP is het mogelijk om bepaalde afwijkingen aan uw galwegen en de afvoergang van uw alvleesklier op te sporen. Het is zelfs mogelijk om via de scoop kleine ingrepen uit te voeren. Zo kunnen bijvoorbeeld galstenen uit de galwegen (niet uit de galblaas) worden verwijderd of kan een stukje weefsel worden weggenomen voor nader onderzoek. Dit laatste noemen we een biopsie. Daarnaast kan een vernauwing in de galwegen worden opgeheven door er een buis in te brengen. Dit heet een endoprothese.

 

Belangrijk

 

Medicijnen
Bloedverdunnende, ontstekingsremmende en pijnstillende medicijnen kunnen de kans op bloedingen vergroten en moeten bij voorkeur gedurende enkele dagen voor het onderzoek niet worden ingenomen. Overleg dit vooraf met uw behandelend arts. Stop nooit op eigen initiatief met deze medicijnen!
Als u ‘s morgens medicijnen gebruikt, vraag dan aan uw arts hoe u het medicijngebruik kunt aanpassen. Dit geldt speciaal voor diabetespatiënten.

 

Voorbereidingen thuis

 

Het onderzoek kan alleen goed uitgevoerd worden als uw slokdarm, maag en twaalfvingerige darm leeg zijn.
Het onderzoek vindt 's middags plaats. Wij vragen u de dag voor het onderzoek vanaf 24.00 uur 's nachts niet meer te eten en te drinken.

U kunt het beste gemakkelijk zittende kleding dragen. Wij verzoeken u geen beha met beugel te dragen of bovenkleding met rits, aangezien dit het röntgenbeeld verstoort.


Het onderzoek

 

  • Nadat u zich hebt gemeld op de afdeling brengt de verpleegkundige u naar uw kamer. Daar krijgt u alvast een infuusnaald ingebracht. U wordt dan naar de afdeling Radiologie gebracht waar het onderzoek plaatsvindt.
  • U wordt gevraagd om losse gebitsdelen uit te doen.
  • Tijdens het onderzoek ligt u op de buik of op uw linkerzij. U krijgt een bijtring in de mond ter bescherming van uw tanden en de endoscoop. Uw bloeddruk wordt gemeten. U krijgt een soort knijper (saturatiemeter) op één van uw vingers, om tijdens het onderzoek uw hartslag en ademhaling te controleren.
  • De arts brengt de endoscoop achter in uw keel en vraagt u een aantal malen te slikken.
  • U houdt voldoende ruimte in de keelholte over om normaal te kunnen ademen door mond en neus. Via de endoscoop wordt ook lucht ingeblazen. Hierdoor gaat de maag en de twaalfvingerige darm wijder openstaan en kan zo beter worden bekeken. Waarschijnlijk moet u hiervan boeren. Dit is heel normaal, dus niet iets om u voor te schamen.
  • Hierna brengt de arts de endoscoop voorzichtig verder naar binnen tot het punt waar galwegen en de alvleesklier in de twaalfvingerige darm uitkomen.
  • Via de endoscoop wordt een dunne slang (catheter) ingebracht, die tot in de gal of alvleeskliergangen wordt opgevoerd. Via de catheter wordt contrastvloeistof in de afvoergangen gespoten, waardoor deze op het röntgenbeeld goed zichtbaar worden.
  • Als de arts het nodig vindt, kan hij tijdens de endoscopie een stukje weefsel wegnemen voor verder onderzoek of een andere handeling verrichten. De arts kan bijvoorbeeld tijdens het onderzoek opmerken dat de afvoer van gal en/of alvleeskliersap wordt verhinderd. In dat geval kan de arts besluiten de kringspier die de afvoergangen afsluit, door te snijden. Dit wordt papillotomie genoemd. Het resultaat is een grotere uitgang, waardoor eventuele galstenen kunnen worden verwijderd. Hij kan ook een buis in de galgangen inbrengen (endoprothese) waarlangs de gal of alvleeskliersappen af kunnen vloeien.

 

Duur van het onderzoek

 

De duur van dit onderzoeke varieert van 20 minuten tot 2 uur.

 

Na het onderzoek

 

  • Na afloop van het onderzoek wordt u terug naar de kamer gebracht.
  • Is tijdens het onderzoek een papillotomie gedaan, dan wordt gedurende de eerste twee uur om het half uur uw bloeddruk en pols gecontroleerd.
  • U blijft na het onderzoek nuchter tot 's anderendaags. De dag na het onderzoek wordt een bloedcontrole uitgevoerd om eventuele bloedingen of pancreatitis uit te sluiten. Nadien mag u terug eten en drinken en kan u naar huis vertrekken.
  • Het is mogelijk dat u een rauw gevoel in de keel ervaart, zeker als u tijdens het onderzoek enige malen flink heeft moeten kokhalzen. Dit gevoel zakt vrij snel af.
  • Ook kunt u een opgeblazen gevoel hebben ten gevolge van de ingeblazen lucht. Dit kan leiden tot opboeren, winderigheid en krampen. Meestal is dit na enkele uren verdwenen.
 

Deelwebsite:

Maag- en darmziekten